Thema's
Internationale rechtsbescherming
Sinds de jaren '80 hebben mensenrechtenactivisten in Azië, Europa en Latijns-Amerika campagne gevoerd voor een verdrag voor bescherming tegen verdwijningen. In 2006 boekten zij hun grootste succes: het VN-Verdrag tegen Gedwongen Verdwijningen werd unaniem aangenomen door de lidstaten van de VN.
Van werkgroep naar mensenrechtenverdrag
In 1980 zette de Commissie van de Mensenrechten van de VN de Working Group on Enforced or Involuntary Disappearances (UNWGEID) op. Deze werkgroep is specifiek belast met verdwijningen en poogt communicatie tussen families van verdwenen personen en autoriteiten te verbeteren.
In 1992 werd de 'Declaration on the Protection of All Persons from Enforced Disappearance' aangenomen. Hierin verklaarden regeringen dat bescherming tegen gedwongen verdwijningen noodzakelijk is. Hoewel een belangrijk document, is het niet juridisch bindend.
Het Rome Statute (1998) richtte het Internationale Strafhof op, dat gezag heeft om de daders van gedwongen verdwijningen in het geval van massieve of systematische verdwijningen te vervolgen. Eerder beschreven verschillende internationale bronnen de wet tegen gedwongen verdwijningen al als een misdaad tegen de mensheid.
Tot slot resulteerde de internationale vraag van de organisaties van diverse verwanten in een extra instrument, dit keer in de vorm van een overeenkomst of een protocol: de 'International Convention for the Protection of All Persons from Enforced Disappearances'. Dit verdrag werd goedgekeurd op 20 december 2006 door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Het is één van de krachtigste mensenrechtenverdragen ooit.
Campagne voor ratificatie van het VN-Verdrag
Voor de familieledenorganisaties is het nieuwe verdrag tegen verdwijningen van heel groot belang. Meer dan 20 jaar hebben zij zij aan zij gestreden om dit verdrag voor elkaar te krijgen. De aanvaarding door de VN van het verdrag eind 2006 werd enerzijds gevierd als een mijlpaal in de strijd tegen verdwijningen, maar anderzijds gezien als het startschot voor het opzetten van een nieuwe campagne om het verdrag ook daadwerkelijk ingevoerd en uitgevoerd te krijgen.
Op 26 september lanceerde de Internationale Coalitie tegen Gedwongen Verdwijningen (ICaED) de wereldwijde campagne voor de ondertekening en de ratificatie van het verdrag. De eerste stap op weg naar volledige invoering van het verdrag is namelijk dat 20 staten het verdrag ratificeren. Pas op dat moment treedt het verdrag in werking en kan ook de Commissie worden ingesteld die de uitvoering van het verdrag gaat monitoren.
Daarnaast gaat de coalitie aan de slag om staten te bewegen hun nationale wetgeving aan het verdrag aan te passen. Want er zal heel wat moeten gebeuren op het gebied van het strafbaar maken van het laten verdwijnen van mensen, het verbeteren van gevangenissystemen, het organiseren van het recht op de waarheid voor familieleden, etc. Hoe meer staten uiteindelijk hun wetten, rechtssytemen en gevangeniswezen aanpassen aan de bepalingen van het verdrag, hoe dichterbij het uiteindelijke doel van totale uitroeiing van het verschijnsel van gedwongen verdwijningen komt.
Meer informatie
Meer informatie over de International Coalition on Enforced Disappearances en haar campagne kan gevonden worden op www.icaed.org.
Voor meer informatie over de rol van Aim for human rights binnen de campagne kunt u contact opnemen met Dave Hardy via tel: 030 233 40 27 of e-mail.


