U bent hier: Actueel -> Nieuws
12.03.2010

Access to Justice Alliance - Reactie op WRR rapport

" Toegang tot recht is een voorwaarde voor ontwikkeling" Nederland zou een Justice for Development programma kunnen opzetten, zegt het WRR rapport over de toekomst van ontwikkelingshulp “Minder pretentie, meer ambitie”, naast programma’s als Water for Development en Agriculture for Development (pag. 286). Die gedachte van de WRR is een belangrijke, maar wordt onvoldoende uitgewerkt. Wij, als organisaties die zich met de toegankelijkheid van het recht bezighouden, gaan verder; toegang tot recht is een noodzakelijke voorwaarde voor ontwikkeling.

Nederland zou een Justice for Development programma kunnen opzetten, zegt het WRR rapport over de toekomst van ontwikkelingshulp “Minder pretentie, meer ambitie”, naast programma’s als Water for Development en Agriculture for Development (pag. 286). Die gedachte van de WRR is een belangrijke, maar wordt onvoldoende uitgewerkt. Wij, als organisaties die zich met de toegankelijkheid van het recht bezighouden, gaan verder; toegang tot recht is een noodzakelijke voorwaarde voor ontwikkeling.

 

Armoede komt voort uit een onrechtvaardige verdeling van natuurlijke hulpbronnen, kansen, vrijheden en bescherming, betoogt Amartya Sen al een aantal jaren. De crux zit hem in de rechtvaardige verdeling. Terecht noteert de WRR dat het met de gelijke waardering van en afstemming tussen burger- en politieke rechten en sociale en economische rechten nog niet goed is gesteld (pag. 40). Hierin ligt een belangrijke uitdaging voor zowel de overheid als maatschappelijke organisaties. Nederland kan daarbij niet alleen zijn toegevoegde waarde tonen (profileringskans zoals de WRR stelt, pag. 286), maar ook mogelijkheden creëren om effectiever en efficiënter te werken ten behoeve van de zelfredzaamheid van armen en gemarginaliseerden. Hier toont zich de waarde van complementariteit: de overheid werkt idealiter als duty bearer toe naar een rechtvaardige verdeling, terwijl maatschappelijke organisaties daarvoor pleiten ten behoeve van rights holders. Zo wordt aan beide zijden van de tafel beleid beïnvloed, ownership bevorderd en rechtvaardigheid vergroot.

 

Vier miljard mensen, de meerderheid van de wereldbevolking, heeft te maken met gebreken in de toepassing van mensenrechten en de rechtsstaat op een wijze die hun ontwikkeling belemmert. Dit is in 2008 overtuigend uit de doeken gedaan door de Commission on Legal Empowerment of the Poor, ingesteld door het Ontwikkelingsprogramma van de VN (UNDP). Het gaat daarbij om heel praktische zaken waarmee mensen die in armoede leven, zichzelf kunnen ontwikkelen. Er zijn vele voorbeelden te geven hoe mensenrechten en rechtsstaat van invloed zijn op het bestaan van arme mensen. Het gebruik of het eigendom van hun grond of hun huis is niet (goed) gedocumenteerd waardoor er conflicten over ontstaan. Hun baan geeft geen zekerheid voor de toekomst omdat hun contract niet goed is geregeld. Ze lopen tegen onmogelijke procedures aan voor het opereren als bedrijfje in de informele sector. Ze hebben gewoonweg geen identiteitsbewijs en kunnen daarom hun kinderen niet inschrijven op school. Ze kunnen vaak door diep gewortelde discriminatie weinig uitrichten om voor hun rechten op te komen, ook als die wel in wetten zijn geregeld – wat ook lang niet altijd het geval is. Volledige deelname aan de maatschappij en de economie is dan niet mogelijk, en dat is een grote rem op hun ontwikkeling.

 

Inzet zowel van overheid, van het bedrijfsleven als van maatschappelijke organisaties is nodig om deze stand van zaken te doorbreken. De overheid moet wetgeving aanpassen, instituties hervormen en procedures aanpassen. Daarvoor is behoefte aan expertise – welke wetgevingsconstructies hebben zich elders in de wereld bewezen?, hoe zet je een rechtbank, kadaster, een bevolkingsregister op?, hoe creëer je een klantvriendelijke en effectieve ombudsman?, etc. Bedrijven hebben, ook los van eisen die de overheid kan stellen, een eigen verantwoordelijkheid in hun personeelsbeleid en in de impact die het bedrijf kan hebben om de omgeving. Ook daarvoor is expertise nodig.  

 

Overheden en bedrijven zullen hun beleid en praktijk veelal niet dan onder druk aanpassen. Verbanden en vertegenwoordigers van achtergestelde groepen moeten hun rechten opeisen. In eerste plaats op lokaal en nationaal niveau, maar ook kan het helpen als hun stem internationaal wordt gehoord. Om bij te dragen aan veranderingen, kunnen maatschappelijke organisaties ook juridische dienstverlening opzetten voor hun achterban. Toerusting en ondersteuning van die organisaties levert op deze wijze een directe bijdrage aan de toepassing van de mensenrechten en de naleving van de rechtsstaat en dus aan een basisvoorwaarde voor ontwikkeling.  

 

Toegang tot recht is ook een voorwaarde voor ontwikkeling vanuit het perspectief van veiligheid. De toename van geweld binnen een samenleving, dreiging van terreur en mogelijkheden voor vrede en verzoening zijn aspecten waar maatschappelijke organisaties een rol in moeten spelen wil het resultaat duurzaam zijn. De toepassing van mensenrechten en de rechtsstaat bieden in conflict- en postconflict situaties een basis om tot een vergelijk te komen. Het delen van kennis en verhogen van het bewustzijn over het belang van mensenrechten en de rechtsstaat vergroten het vermogen om conflicten te hanteren of minder gewelddadig te maken. Institutionele en capaciteitsopbouw versterken zwakke overheden, en actieve burgers die hun vrijheid van meningsuiting en hun vrijheid van vergadering kunnen gebruiken, kunnen daar mede richting en inhoud aan geven.

 

De vraag die de WRR opwerpt over het belang van een civil society oriëntatie in het bevorderen van ontwikkeling moet dus met een volmondig ‘ja’ worden beantwoord.  De Access to Justice Alliantie (bestaande uit Aim for Human Rights, CILC (Center for International Legal Cooperation), Justitia et Pax Nederland en het Nederlands Helsinki Comité (NHC)) heeft langdurige en ruime ervaring met de speciale rol die maatschappelijke organisaties kunnen en moeten vervullen op het terrein van mensenrechten en de rechtsstaat. Maatschappelijke organisaties in het Zuiden en in het Noorden/Westen vormen netwerken waarin de gedeelde belangen worden behartigd, of het nu gaat om universele mensenrechten, rechtszekerheid of grensoverschrijdende klimaat- en milieukwesties. Deze schat aan ervaring helpt een overheid of een NLAID om de juiste keuzes te maken en aan te sluiten bij de belangen van de samenleving.

 

Het thema Justice for Development past uitstekend bij de Nederlandse nadruk op mensenrechten en rechtsstaatontwikkeling in het buitenlandse beleid. De activiteiten in een Justice for Development programma, zoals de WRR voorstelt, moeten gebaseerd zijn op de contextanalyse die uitgaat van de situatie van mensenrechten en de rechtsstaat in die landen. Om het aantal landen tot tien te beperken, zoals de WRR voorstelt (pag. 224), is vrij willekeurig. Het advies van de WRR om een inhoudelijke focus te nemen bij de keuze is terecht, maar bij een zo dwarsdoorsnijdend thema als toegang tot recht is het niet voor de hand liggend om de opgebouwde ervaring en ontwikkelde deskundigheid slechts op een beperkt aantal landen toe te passen. Op verschillende momenten in de tijd kan op verschillende plekken in de wereld de ervaring nuttig worden ingezet.

 

 

 

Aim for human rights, Martha Meijer, directeur

CILC, Center for International Legal Cooperation, Marie José Alting von Geusau, directeur

Justitia et Pax Nederland, Victor Scheffers, directeur

Nederlands Helsinki Comité, Harry Hummel, directeur

12 maart 2010

 
slogan